rassen
| Woord van de voorzitter |
|
|
|
| Geschreven door Huub Vermeulen |
|
In tijden waar de kleindierensport snel kleiner wordt heeft de SIS een aanzienlijke groei doorgemaakt. Dat komt omdat steeds meer mensen de zeer bijzondere eigenschappen van de Spaanse duiven zijn gaan zien en waarderen. Maar er is meer. De SIS is weliswaar een speciaalclub, met leden specifieke rassen fokken voor de tentoonstelling, maar dat deel is t.o.v. andere clubs minder belangrijk.Het gaat bij de SIS vooral om het plezier dat de Spaanse duiven brengen. Niet alleen door er prijzen mee te winnen. Belangrijker is het plezier iedere dag van het jaar op het hok. Veel rassen zijn, mits goed gehouden, uiterst aanhankelijk naar hun baas. Niemand (buiten een kleine kring) weet dat. De meeste mensen kunnen zich zelfs niet voorstellen dat er iets leuk is aan duiven houden. Maar het omgekeerde is juist het geval. Spaanse kroppers zijn vliegduiven met een geheel eigen stijl fenomenaal karakter. Het heeft tijd inzicht en ervaring nodig om alle aspecten te doorgronden. Steeds als je het begint te begrijpen blijkt er nog weer veel meer te zijn. Het is een van de mooiste hobby's die denkbaar zijn en je raakt er nooit op uitgekeken.
Nou zegt iedereen dat van zijn eigen hobby. Maar ik ben al een paar jaar op de wereld, heb absoluut veel andere prachtige hobby's maar zou de Spaanse duiven NOOIT willen missen. Zo ben ik (semi) professioneel autoracer (7 X Nederlands kampioen), wedstrijdschaatser (3e Ned. Jeugdkampioenschappen), wedstrijdskiër (lager niveau), hardloper (100-200-400m), natuurliefhebber en sportvis fanaat. De duivenhobby komt niet voort uit gebrek aan keuzes. Mensen die lid worden van een club en dan dieren gaan fokken voor de tentoonstelling en daar prijzen mee kunnen winnen denken al snel dat het resultaat heel belangrijk is. Uit ervaring weet ik dat het daar niet zit. Wie slechts de beste wil zijn zal veel van de nevencharmes van de duiven gaan missen. Als je naar de standaard kijkt, dan zie je dat een ras heel veel kenmerken moet hebben. Die kenmerken moeten liefst heel extreem zijn doorgevoerd. Dan ineens blijkt dat geen enkel dier aan die standaard kan voldoen. Nog nooit was een rasduif perfekt tot in ieder detail. Al snel wordt daarna alleen nog maar gekeken naar de fouten en hoe die door fokken en selectie te elimineren zijn. Dan ben je aardig op de verkeerde weg. Veel belangrijker dan de al of niet grote fouten zijn de goede eigenschappen. Want daar heb je veel meer plezier aan. Het was gebruikelijk om een hok te beoordelen op kwaliteit en uniformiteit. Ofwel alle dieren moeten gelijk zijn. Maar juist die kleine verschillen maken het zo aantrekkelijk. Een hok moet bij voorkeur vaste kleurslagen hebben en aan iedere kleurslag zijn strenge eisen verbonden. Maar bij de SIS leden blijkt vaak een duif met een heel aparte kleur het meest gewaardeerd te worden. Vooral geen hok met alleen witten. Wit is heel mooi, maar dat is zwart ook en blauw en bont. En getijgerd, gevlekt en met een gouden kraag. Er zijn juist zo veel prachtige en soms juist zulke unieke kleuren bij de Spaanse rassen. Sommige reproduceerbaar, andere weer niet of nauwelijks. De meeste SIS leden kunnen juist de variatie waarderen. Een topfokker zal een witte duif met een zwart teennageltje direct van de hand doen wegens niet fokzuiver. De meeste SIS leden kijken eerst naar de andere goede eigenschappen. Hun meest gewaardeerde duif zal zeker veel goede eigenschappen hebben, maar waarschijnlijk ook een aantal tekortkomingen. Laat je hobby niet beperken door het alleen maar wegfokken van ogenschijnlijke fouten. Aan het eind heb je duiven over die alleen maar mooi zijn en waar je niets mee hebt. Binnen de SIS is het niet nodig om een groot fokker te zijn. Belangrijker is je enthousiasme. Mensen met weinig ruimte (of weinig geld) kunnen makkelijk op een balkonnetje een klein hok maken met zeg 4 doffers en 4 duiven. 8 hokjes van ten minste 40x40x40 nemen niet echt veel plaats. Zo mogelijk ook nog een rennetje en het plezier is daar. Geniet je daarvan dan sta je in aanzien bij de SIS als liefhebber en als lid. De drang naar belangrijkheid proberen we ondergeschikt te houden. Maar bijna niemand ontkomt daar volledig aan. Dat maakt ook niet uit. Er is ook ruimte voor iedereen om zichzelf te zijn. Maar het plezier zit daar nauwelijks.
Het plezier zit in het plezier hebben en niet in het belangrijk zijn of doen. Het zit ook niet in het heel goed zijn.Vergelijk is eenvoudig te maken naar andere sporten. B.v. autosport. Het gaat om het zo hard mogelijk rijden. Een materie op zich. Maar daarna doe je dat in competitie. Met 50 tegelijk van start en wie er het eerste is. Machtig om te doen en te proberen die eerste te zijn. Maar het gaat om de race. Zodra die afgelopen is is het weer weg. Wel heeft iemand gewonnen. Leuk voor hem. Maar al die anderen hebben ook (als het goed is) mateloos genoten. Jan Lammers, Tom Coronel, het zijn formidabele sportmensen. Maar ze doen het primair voor het racen en niet voor het winnen. De mensen die alleen maar tevreden zijn als ze winnen hebben een verkeerde sport gekozen. Van de 50 wint er maar een. Dan kan je beter gaan voetballen. Daar wint van de 22 de helft. Het gaat dus om het doen en het genieten daarvan. Dat is met de duiven ook. Niet iedere minuut is genieten. Je moet veel schoonmaken. Duiven hebben wat dat betreft een slechte reputatie en niet helemaal zonder reden. Maar het is niet veel werk als je niet te veel duiven hebt. Meer is niet per definitie meer plezier. Bij een duif nog wel. Twee duiven is dubbel en 4 duiven bijna 4 x zo veel plezier. Maar bij 100 kan het duiven houden een last worden en kom je aan plezier nauwelijks toe. Dat kan ook al bij 50 zijn of nog veel eerder. Wees dus liever verstandig en begin heel rustig.Spaanse duiven kunnen in Spanje duur zijn om aan te schaffen. € 500 en meer zijn al betaald. Onder vrienden in Nederland wordt meestal niet over geld gesproken. De onderlinge competitie is niet zo belangrijk. Het samen plezier hebben van de duiven des te meer. Het streven is dat andere leden ook aan goede dieren kunnen komen.
Huub Vermeulen, voorzitter SIS. |



